In de bouw lopen weken zelden “mooi volgens plan”.
Als het weer meezit of je zit in een drukke fase op de werf, wil je sneller vooruit.
Tegelijk wil je vermijden dat overuren ontsporen in discussies, fouten op loonfiches of gedoe bij controle.
KB 213 is precies voor die realiteit gemaakt: het is een stelsel dat bouwbedrijven (PC 124) toelaat om tijdens piekperiodes bijkomende uren te presteren, binnen duidelijke grenzen en voorwaarden.
Let op: regels en fiscale voordelen wijzigen soms.
Gebruik dit als praktische gids en check details altijd met je sociaal secretariaat.
Inhoudsopgave
- Wat is KB 213?
- Hoeveel extra uren mag je presteren met KB 213?
- Voorwaarden: wanneer zit je goed en wanneer niet?
- Uitbetaling of inhaalrust: hoe zit dat?
- KB 213 versus andere overuren: zo vermijd je verwarring
- Hoe registreer je KB 213-overuren correct (zonder maandafsluitingstress)?
- Extra belangrijk op werven: link met aanwezigheidsregistratie (CIAW)
- Iets voor jou?
- Nog vragen?
Wat is KB 213?
KB 213 is een regeling die het mogelijk maakt om in de bouwsector extra uren te laten presteren bovenop de normale arbeidsduur (8 uur per dag, 40 uur per week), bedoeld voor de zomerperiode of een periode van intense activiteit.
Hoeveel extra uren mag je presteren met KB 213?
De praktijkuitleg die je vaak terugziet: je kan tot 1,5 uur extra per dag organiseren, met een jaarlijks maximum dat typisch op 130 of 180 uur uitkomt (afhankelijk van de stappen/procedure in je onderneming).
Concreet betekent dat in drukke weken dat je richting werkdagen van 9u30 kan gaan en weken die hoger liggen dan de standaard 40 uur, zolang je het binnen de spelregels houdt.
In het kort
- KB 213 overuren bouw biedt flexibiliteit in drukke weken, maar vereist correcte formaliteiten en communicatie.
- Werknemers kiezen tussen inhaalrust of uitbetaling met een toeslag bij KB 213.
- Duidelijke afspraken en correcte registratie zijn cruciaal om verwarring te voorkomen met andere overuren.
- Verbind werfregistratie met tijdsregistratie om administratieve problemen te vermijden.
- Gebruik KB 213 om overzichtelijk en efficiënt met overuren om te gaan, en plan een demo voor meer inzicht.
Voorwaarden: wanneer zit je goed en wanneer niet?
KB 213 is geen “we doen maar wat”.
De grote principes:
- Je moet het correct formaliseren (arbeidsreglement/uurroosters en communicatie).
- In veel gevallen speelt syndicaal akkoord of melding een rol (afhankelijk van aanwezigheid van delegatie).
- Ook het individueel akkoord van de werknemer is relevant in de praktijk.
Daarnaast bestaan er specifieke regels rond onder meer zaterdagwerk met KB 213 en bijhorende toeslagen/voorwaarden.
Uitbetaling of inhaalrust: hoe zit dat?
Bij KB 213 komt vaak dezelfde vraag terug: “betaal ik dat uit, of geef ik rust?”
De logica is dat de werknemer kan kiezen tussen:
- Inhaalrust (uitbetaald aan 100% wanneer de rust wordt opgenomen), of
- Uitbetaling met een toeslag (vaak aangehaald als 20% in het KB 213-stelsel).
Wat je vooral wil vermijden: dat keuzes mondeling blijven en je op het einde van de maand moet gokken wat er afgesproken was.
KB 213 versus andere overuren: zo vermijd je verwarring
Veel bouwbedrijven combineren of vergelijken stelsels. Belangrijk is dat je intern duidelijke afspraken maakt en je payrollflow daarop afstemt:
- Vrijwillige overuren werken met schriftelijk akkoord en een eigen contingent en grenzen.
- Relance-overuren zijn een apart verhaal met tijdelijke regimes en kalenderdeadlines.
Het punt: je wil niet “uren correct registreren” doen in het veld, om daarna op kantoor manueel te gaan puzzelen in Excel welk stelsel waar hoort.
Hoe registreer je KB 213-overuren correct (zonder maandafsluitingstress)?

Als je KB 213 inzet, wordt registratie het verschil tussen “handig stelsel” en “administratieve kater”.
Een werkbare aanpak in de bouw:
- Label de prestatie correct: normale uren, KB 213-uren (en eventueel aparte categorie voor zaterdag KB 213).
- Registreer zo dicht mogelijk bij de bron: via mobiele app, prikklok of voertuigflow, zodat je geen reconstructie achteraf doet.
- Maak uitzonderingen zichtbaar: KB 213 springt eruit in je overzicht, zodat payroll en planning meteen zien wat extra is.
- Controleer vóór de loonrun: ontbrekende registraties, afwijkende dagen, rare pieken.
- Vergeet de mobiliteitsvergoeding niet: controleer zeker alle ritgegevens
Wil je dat strak opzetten richting loonverwerking, dan is het logisch om je tijdsregistratie te koppelen aan je payrollflow en je sociaal secretariaat.
Met digitale tijdsregistratie zet je KB 213-uren automatisch apart, zodat je loonverwerking veel vlotter loopt.
Extra belangrijk op werven: link met aanwezigheidsregistratie (CIAW)
Los van KB 213 heb je in de bouw ook de realiteit van aanwezigheidsregistratie op de werf (CheckInAtWork/CIAW).
Dat is een ander luik, maar in de praktijk wil je wel dat je werfregistraties en je urenregistraties niet naast elkaar leven.
Werk je op werven met verplichtingen rond aanwezigheidsregistratie (CIAW/CheckInAtWork), zorg dan dat je werfregistratie en tijdsregistratie op elkaar aansluiten.
Iets voor jou?
Wil je KB 213 inzetten zonder Excel, zonder discussies achteraf en met een overzicht dat payroll meteen kan gebruiken?
Plan een demo en we tonen je een simpele flow voor registratie, uitzonderingen en export richting sociaal secretariaat.
Nog vragen?
We weten uit ondervinding dat KB213 een complex gegeven kan zijn.
Dus we verzamelden al wat veelgestelde vragen en hun antwoorden hieronder.
Dat hangt af van hoe KB 213 in je onderneming is ingevoerd en welke stappen of akkoorden zijn gevolgd. In veel uitleg wordt gewerkt met een eerste pakket uren en daarna een uitbreiding, maar de exacte toepassing moet je altijd aftoetsen met je sociaal secretariaat of sectoradvies, omdat formaliteiten en voorwaarden meespelen.
In de praktijk is dit niet “zomaar verplicht”. Er spelen procedurevoorwaarden en redelijkheid mee, en ook het individuele akkoord en de context wegen door. Zorg dat je dit correct formaliseert en niet last-minute communiceert, anders creëer je risico op discussies en fouten.
KB 213 is sectorgebonden (bouw) en gericht op piekperiodes zoals zomeruur of intense activiteit, met eigen grenzen en voorwaarden. Vrijwillige overuren zijn een algemeen stelsel met schriftelijke afspraken die je periodiek vernieuwt en met andere toeslagen en grenzen. Als je die twee door elkaar haalt, gaat het meestal mis in payroll en rapportering.
Beide kan, maar je wil vooral dat de keuze duidelijk is en op tijd vastligt. Bij uitbetaling zie je vaak een toeslag terugkomen, terwijl inhaalrust later wordt opgenomen en dan aan 100% wordt betaald. Maak dit concreet per team en laat het niet “stilzwijgend” gebeuren, want dan kom je pas bij de loonrun in de problemen.
Dat kan in bepaalde situaties, maar het is strikter omkaderd en er kunnen andere toeslagen en voorwaarden gelden. Als je zaterdagwerk overweegt, is het extra belangrijk om je afspraken en bewijsvoering op orde te hebben.
Dat bedrijven de uren wel laten presteren, maar ze achteraf niet waterdicht kunnen onderbouwen: geen heldere categorie in de registratie, onduidelijke keuzes rond uitbetaling of inhaalrust, en manuele correcties op het einde van de maand. Als je KB 213 structureel gebruikt, loont het om je registratie zo in te richten dat die uren automatisch apart staan en vlot naar je sociaal secretariaat gaan.

